• maart

    18

    2019
  • 162
  • 0
Dusol Vastgoedonderhoud zet duurzame verf in voor pilot groot vastgoedonderhoudsproject

Dusol Vastgoedonderhoud zet duurzame verf in voor pilot groot vastgoedonderhoudsproject

Dit artikel is op 25 januari 2019 verschenen in de SchildersVakkrant
foto: Merijn Koelink Fotografie

Klik hier voor het originele artikel zoals het verschenen is (PDF)


HELMOND – Ook in de schildersector is een duurzaam milieu langzamerhand een serieus issue. Maar zonder in te leveren op eerder verworven kwaliteiten. Dat dan weer wel. In Helmond en Eindhoven heeft Dusol Vastgoedonderhoud een pilot afgerond, buiten-en binnenschilderwerk, voor tweehonderd wooneenheden. Met biobased verven van Copperant. Naar volle tevredenheid.

Laten we eerlijk zijn, het zijn doorgaans de twee S’en (lees AkzoNobel en PPG met respectievelijk Sikkens, Trimetal en Sigma, Veveo) die met de eer gaan strijken als het gaat om schilderwerk van grote vastgoedonderhoudsprojecten. Maar stilletjes aan laten opdrachtgevers en overheden zich sterker horen en profileren de kleinere merken zich. De gevestigde orde voelt de hete adem van de duurzame verven.

Werken volgens de principes van The Natural Step

De pilot van Dusol Vastgoedonderhoud begint eigenlijk al met het door de gemeente Eindhoven opgepikte internationale initiatief van The Natural Step, enkele jaren geleden. Algemeen uitgangspunt is dat gebruikte stoffen in de bouwsector niet meer en sneller uit de aarde mogen worden gehaald en in het milieu mogen worden gebracht dan de natuur kan verwerken.

De gemeente Eindhoven ging daartoe in gesprek met regionale ondernemers en verschillende woningcorporaties. Eén van die woningcorporaties heeft eind vorig jaar besloten om voor het planmatig schilderonderhoud resultaatgericht te gaan samenwerken met vijf onderhoudsbedrijven, waaronder Dusol. We spreken hierover Richard Vennix, projectleider bij Dusol: ‘Op grond van die afspraak zijn we nu de eerste werken aan het afronden. Onderdeel van die afspraak waren onder andere een hoge mate van bewonerstevredenheid, kwalitatief meetbaar goed werk afleveren, én, waar mogelijk, werken volgens de principes van The Natural Step.’

Zo troffen Vennix en Danny Rijken, salesmanager Copperant, elkaar bij verfgroothandel VVB Husan tijdens een themabijeenkomst van Studie Club Schilders. De verfgroothandel, recentelijk dealer van de verven van Copperant, besteedde thematisch aandacht aan de keuze voor duurzame groene verven. Vennix: ‘Dat was, meen ik, op een dinsdag en dezelfde week op vrijdag zaten we hier in Helmond al met elkaar aan tafel om een mogelijke samenwerking te bespreken. En laten we eerlijk zijn; het speelt natuurlijk mee dat er wederzijdse sympathie is en wij als Brabants bedrijf met een Brabantse verf een pilot op kunnen zetten.’

Danny Rijken: ‘Omdat wij producent zijn van duurzame biobased verven hebben we al langer contact met The Natural Step. Het is ook onze doelstelling om bedrijven te helpen aan duurzaamheid vorm te geven. En er vervolgens voor te zorgen hoe dat binnen een organisatie valt te stroomlijnen en binnen alle gelederen geaccepteerd te krijgen. Het toepassen van een duurzame verf is dan een perfect middel om een deel daarvan te bereiken.’

Als bedrijf van ruim honderd jaar oud bestaan er voor Dusol logischerwijs in de loop der tijd opgebouwde en langlopende relaties. Vennix: ‘Samenwerking en partnerschap hebben we hier hoog in het vaandel. Bijvoorbeeld met verfgroothandel Driessen, hier in Helmond. Die zijn er en die koester je. Wat niet wegneemt dat je niet open kunt staan voor een voor ons innovatieve aanpak met een nieuw verfsysteem.’

Alle reden om een pilot vorm te geven en voor de biobased verfsystemen van Copperant te kiezen. Niet voor een pilot van zomaar een rijtje woningen van een viertal woningen. Vennix: ‘Nee, een complex, uitpandig schilderwerk, in Eindhoven. En 104 galerijwoningen in Nuenen, zowel in- als uitpandig schilderwerk. In totaal over om en nabij tweehonderd wooneenheden.’

Opvallend waren de eerste reacties van de medewerkers. Vennix: ‘Het is nieuw. Dan ligt alles onder het vergrootglas. De eerste woning was voor een bewoner die op vakantie ging. Er was tijdsdruk. ’s Middags om twee uur kreeg ik een belletje: de verf is nog nat; de mist slaat er straks in. Logisch, dit soort kritische reacties. Een beetje koudwatervrees. Het was eenmalig. Daarna hebben we geen enkel punt van kritiek meer gehoord. Terwijl ik bij herhaling naar de ervaring van de schilders vraag. De schilders geven aan dat de droogtijd, in dit geval van de vierseizoenen Copperant Quattro, weliswaar in de praktijk wat langer is dan de productinformatie aangeeft. We hebben het wel over de maanden november en december. Over de vloei zijn de schilder zeer lovend. De kwastverwerking is op-en-top. Geen stugge verf, goed verwerkbaar. Bij kwastapplicatie gaat het wat beter dan bij rollen, geven ze aan.’

Rijken vult aan: ‘Het is een vierseizoenensysteem waar je het gehele jaar door mee kunt werken, maar die een tandje trager qua droging is gedurende de wintertijd. Temperatuur is daarbij een factor, maar belangrijker, de luchtvochtigheid. Die droging scheelt een half uur tot een uurtje, vergeleken met de traditionele winterverven. Met de Quattro staat daar wel een betere buitenduurzaamheid tegenover, in tegenstelling tot de mindere buitenduurzaamheid van de “echte” sneller drogende winterverven. We hebben het juist gezocht in de combinatie. Bovendien, en daar gaat het hier over, het is een duurzaam groen product.’

Vennix: ‘Daarnaast hanteren we als Dusol ook het Milieulabel Schilderproject van OnderhoudNL om de CO2-footprint van een schilderproject begrijpelijker te maken. Door Copperant op de plaats te zetten van een traditionele verf, leverde dat een significante verschuiving op qua milieulabel. Het maakt de stap in duurzaamheid een stuk inzichtelijker.’

Het gebruikte buitenverfsysteem tijdens de pilot is de alkydhars hoogglans Copperant Quattro. Voor de binnenwerkzaamheden, trappenhallen enzovoorts, zet Vennix de binnenverven van Copperant in, in dit geval de watergedragen Pura en het onlangs geïntroduceerde Altra.

‘Bijdragen om de verfplas te vergroenen’

Rijken: ‘Hier kiezen we niet voor een lijnolieverf. Die hebben we ook, maar voor ons is dat ook een nicheproduct. Weliswaar een fantastische verf, maar qua droging in deze tijd van het jaar geen goede kandidaat. Ik weet hoe een woningcorporatie en vastgoedonderhoud werkt. Die gaat uit van een lange onderhoudscyclus, waarbij het vastgoedonderhoudsbedrijf faalkosten wil beperken en kiest voor een snelle omloopsnelheid. Dan sluit daar onze alkydharsverf het beste op aan. En ik blijf het benadrukken: het is een groene verf. Veel mensen hebben er een mening over, maar het is een gewone verf hoor. Kijk, we maken verf vanuit een ambitie, niet vanuit een traditie. Het gros van onze verven bestaat uit biologisch restafval als grondstof, niet uit lijnzaadolie. We willen duidelijk bijdragen om de verfplas te vergroenen. Dat is onze ambitie.’

De pilot, afgerond in december, is volgens Vennix en Rijken geslaagd. Vennix: ‘Ik heb er een goed gevoel bij en de resultaten zijn goed. Ik heb dan ook een vervolgadvies afgegeven om ook in januari 2019 op deze voet verder te gaan.’

© Copyright 2019 vict.nl